Wat als we straten opnieuw lezen als verblijfsruimte? Met het traject Leefbuurten verkent het Team Vlaams Bouwmeester hoe de herinrichting van het openbaar domein in woonwijken sociale interactie kan versterken terwijl ze tegelijkertijd de mobiliteit en het klimaat adresseert. Aan de hand van tactische ingrepen en tests tonen cases in Dilbeek, Tessenderlo en Muizen hoe kleine stappen grote effecten kunnen hebben.

De gedachte dat ook een straat publieke ruimte is – en dus kan worden ingezet om de leefkwaliteit van bewoners te verhogen – is nog lang niet overal gemeengoed. Hoewel er bij heraanleg vaak wordt geprobeerd om te vergroenen en bomen te planten, wordt de hoofdfunctie van de straat als middel om ‘het verkeer’ te faciliteren meestal niet ter discussie gesteld. Daar wilde het Team Vlaams Bouwmeester met het traject Leefbuurten verandering in brengen. De focus lag op het openbaar domein in woonbuurten met een randstedelijk of landelijk karakter. Dus níét het stadscentrum, waar al een langere traditie bestaat van autoluwe winkelwandelstraten of autovrije historische kernen, maar juist die wijken waar de woonfunctie dominant is.