Met L’architecture de la voie. Histoire et théories levert Éric Alonzo een indrukwekkende genealogie af van de weg als architectuurproject. Het boek, dat aanvangt bij de Romeinse weg en eindigt bij infrastructuurprojecten van Manuel de Solà-Morales en Alexandre Chemetoff halverwege de jaren 1990, kan gelezen worden als prelude op The Landscape of Contemporary Infrastructure van Marcel Smets en Kelly Shannon, waarmee het sterk verwant is door het pleidooi voor architectuur als redmiddel van de infrastructuur.

Car, si dans une échappée folle, la technique s’égare, l’architecture pourrait l’aider à retrouver sa voie,” zo concludeert Alonzo op de laatste pagina. De architectuurdiscipline staat met andere woorden centraal en de publicatie is een academisch onderbouwd, minutieus verzameld en grafisch uitvoerig gedocumenteerd overzicht, dat toont hoe wegen doorheen de geschiedenis om diverse redenen opgepikt werden in de praktijk en in het discours van de architectuur.