In de geschiedenis en de evolutie van het architectuuronderwijs in Franstalig België betekende 2010 een kentering, want toen werden de architectuurhogescholen in de universiteiten ingekanteld. De zeven ‘oude’ Instituts supérieurs d’architecture (ISA) fuseerden met vier universiteiten: de UCLouvain, ULB, ULiège en UMONS. In al deze universiteiten werd, soms met een andere insteek, een nieuwe faculteit opgericht om die inkanteling te verwezenlijken.
Tien jaar later, na veel enthousiasme maar ook een aantal teleurstellingen, kunnen we de balans opmaken van de evolutie van het onderwijs na de fusies. Om de analyse grondig te maken, zouden we het over de maatschappelijke functie van de architectuurinstellingen moeten hebben, evenals de specifieke eigenheden van onderwijs en ontwerpend onderzoek, de toenemende contacten op internationaal vlak, het diploma en de beroepspraktijken in ons land. Maar het zou ons uiteraard veel te ver leiden om al die punten in deze korte tekst te behandelen, vooral omdat de situatie verschilt naargelang de gastuniversiteit.