In een interview met Oase reflecteerde John Habraken in 2011, vijftig jaar na het verschijnen van De dragers en de mensen, over de actualiteit van het onderscheid tussen de drager van een gebouw en zijn invulling. Hij argumenteerde dat mensen zelf hun omgeving maken, en dat de drager flexibiliteit moet bieden om veranderingen in gebruik en programma toe te laten. De tijdsdimensie die door Habraken in de architectuur geïntroduceerd werd, is in de hedendaagse bouwcultuur erg actueel. Eén van de kernambities in de nota van Vlaams Bouwmeester Erik Wieërs is het hergebruik van bestaande structuren en het construeren van toekomstbestendige gebouwen, die niet vanuit een programma, maar vanuit een structuur geconcipieerd zijn.
Bulk Architecten werd enkele jaren geleden geconfronteerd met de opgave om een gebouw als een flexibele drager te ontwerpen tijdens een wedstrijd voor de Cadixwijk in Antwerpen. Ze wonnen de wedstrijd niet, maar kwamen wel tot de realisering dat de brede bouwsector (nog) niet aangepast is aan deze benadering, wat leidde tot een nieuwsgierigheid naar de geschiedenis en de toekomstmogelijkheden van robuuste, open gebouwen. Een BWMSTR-label van de Vlaams Bouwmeester gaf de aanzet voor het project Construct, ruimte voor verandering. Het onderzoek houdt een pleidooi voor het hergebruiken en creëren van robuuste gebouwen, die overmaat omarmen en een flexibele invulling mogelijk maken. De structuren vormen een mogelijk antwoord op het duurzaamheidsvraagstuk, dat steeds meer gevat wordt in regels, rapporten en normen, die een te beperkend kader vormen in de transitie naar toekomstgericht bouwen.