In een gesprek met Véronique Patteeuw en Christophe Van Gerrewey, gepubliceerd in Oase#88 (2012) onder de titel ‘Architectuur kan niet anders dan zichzelf tentoonstellen’, stelde Geert Bekaert dat “geen enkele tentoonstelling (zoals geen enkele menselijke activiteit) ontsnapt aan een bepaalde trend of stellingname. Er zit altijd een idee achter, hoe dwaas ook.” Hij benadrukte daarbij ook dat een architectuurtentoonstelling – en bij uitbreiding elke culturele manifestatie – “weinig zinvol is als ze niet tracht zoveel mogelijk mensen van iets te overtuigen”. Het twee weken durende architectuurfestival Urban Summer op de Kunstberg in Brussel, dat op 21 juni 2021 van start gaat, lijkt deze visie van Bekaert niet te delen.

Urban Summer is een initiatief van Urban.brussels, de administratie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bevoegd voor Stedenbouw en Erfgoed. De overheidsdienst reikt stedenbouwkundige vergunningen en renovatiepremies uit, en verleent juridisch advies. Maar sinds 2017 rekt Urban haar overheidsopdracht op. Ze wil een centrale rol spelen in de bewustmaking van het grote publiek voor architectuur en doet dat door het aantal culturele evenementen dat ze organiseert gestaag op te drijven. Zo duidde Urban een curatorenteam aan voor de tweede editie van de Archiweek: Traumnovelle + Humbble + Katía Truijen werden de bezielers van het architectuurfestival in Brussel, dat liep van 5 tot 13 oktober 2020. Ze organiseerden geleide bezoeken aan opengestelde gebouwen en architectenbureaus binnen vijf ‘fundamentele thematieken’: leven, leren, rituelen, liefde en dood.