In Luik lijkt het alsof de publieke ruimte heel de tweede helft van de 20ste eeuw grotendeels van secundair belang is geweest. De Place Saint-Lambert, decennialang opengereten om dan amper ‘gehecht’ te worden, weerspiegelt de tijd waarin Koning Auto boven alles primeerde.
Pas in de jaren 1990 komen de eerste duidelijke tekenen van een herovering op de auto, met de operatie ‘Liège retrouve son fleuve’. De heraanleg van de kaaien op de rechteroever van de Maas was vooral gunstig voor de inwoners en zachte weggebruikers. Zo werden onder meer RAVeL-paden (lange-afstandsfietspaden) aangelegd langs het water en langs het tracé van de voormalige NMBS-spoorlijn 38 dat door de hellingen slingert van Chênée naar Grivegnée, Beyne-Heusay …