Maar liefst 48 studenten van de vakgroep Architectuur en Stedenbouw van de Universiteit Gent onderzochten gedurende twee academiejaren de ontwikkeling van de 18de-eeuwse Napolitaanse traphal. Dat onderzoek resulteerde in een website, twee boeken en een tentoonstelling, in september opnieuw te bezichtigen in het Vandenhove Centrum voor Architectuur en Kunst in Gent.

Door een wending in de sociale structuur van de hogere klasse onderging de open, monumentale baroktrap in het aristocratische palazzo, die traditioneel slechts één verdieping bediende, fundamentele veranderingen. Napolitaanse adellijke families gingen rond 1720 een nieuw type palazzo bouwen met meerdere verdiepingen. De typologie van het appartementsgebouw was geboren. De familie zelf bewoonde een of twee etages, en de rest van het gebouw werd verhuurd. Dat vereiste uiteraard een ander soort trap, die vier tot zes verdiepingen bediende. Enkele vooraanstaande Napolitaanse architecten – Ferdinando Sanfelice en zijn tijdgenoten – ontwikkelden een nieuw type traphal, maar ze behielden de zin voor spektakel en theatraliteit uit de barok. Begin 18de eeuw was dus het kantelmoment waarop de klassieke baroktrap veranderde in de moderne trap van een appartementsgebouw, maar met dezelfde allure.