Wie de Europese architectuurkalender van de laatste maanden bekijkt, ziet dat het seizoen 2017–2018 afsloot met de opening van twee spraakmakende evenementen: de 16de Architectuurbiënnale van Venetië en de nieuwe editie van de Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam (IABR), die dit jaar in tweeluiken gepresenteerd werd, in Rotterdam zelf én in Brussel. Hoewel beide evenementen de titel ‘architectuurbiënnale’ dragen, hebben ze weinig met elkaar gemeen. Uiteindelijk verwijst de term ‘biënnale’ enkel naar een temporaliteit, een tweejaarlijkse reeks. Maar sinds de oprichting van de Architectuurbiënnale in Venetië in 1970 kreeg het woord een extra lading en een nieuwe aantrekkingskracht. Vandaag lijkt een ‘biënnale’ een autonoom concept, een merk dat om het even welke reeks tentoonstellingen een aura van kwaliteit en prestige verleent. Er gaat wereldwijd dan ook geen jaar voorbij zonder internationale kunst- of architectuurbiënnale. Binnen die context van een zeker overaanbod kijken we in dit nummer voorbij de terminologie en onderzoeken we wat zo’n biënnale eigenlijk betekent voor de verspreiding van architectuurcultuur.

In mei opende de Biënnale van Venetië met Freespace, het thema ontwikkeld door curatoren Yvonne Farrell en Shelley McNamara. Venetië is de plek bij uitstek waar architectuurcultuur alle ruimte krijgt. Zonder veel onderscheid vind je er, naast elkaar, politieke statements, esthetiserende installaties en monografische oeuvretentoonstellingen. The Missing Link (IABR-Brussel) positioneert zich daarentegen als een echte ‘werkbiënnale’. Ze geeft een eerste neerslag van een lopend onderzoek, dat verankerd is in een hedendaagse stedelijke dynamiek en doorlopend gevoed wordt door talks, debatten en rondleidingen. De ambitie van de IABR ligt dan ook in het genereren en begeleiden van maatschappelijke veranderingen. Het contrast tussen beide biënnales is groot, zowel naar de discipline van de architectuur toe als in de manier waarop die wordt voorgesteld. In Venetië dwaalt de bezoeker tussen een veelvoud aan hedendaagse architectuurprojecten, met een sterk vormelijk potentieel en vaak het resultaat van unieke samenwerkingen. Op de IABR worden projecten niet zomaar getoond voor wat ze zijn – ook al zijn ze soms erg mooi. De projecten hebben een missie: ze trekken de aandacht, zwengelen het debat aan en wijzen de weg naar een mogelijke verandering.