Vorig jaar verscheen het spraakmakende Four Walls and a Roof. The Complex Nature of a Simple Profession van architect en OMA-partner Reinier de Graaf. De architect geeft zijn ongezouten mening en biedt de lezer een kijk achter de schermen van zijn praktijk, om inzicht te verschaffen in wat het vandaag betekent om als architect te werken.
Four Walls and a Roof is opgedeeld volgens de zeven mythes die De Graaf wil ontkrachten: de veronderstelde autoriteit van de architect, persoonlijke inspiratie en originaliteit, de inzet voor goede doelen, de controle over de eigen praktijk, de onafhankelijkheid ten opzichte van externe machten, de beheersing van de grote schaal, en ten slotte de niet-aflatende toewijding aan vooruitgang. In lange en korte essays geeft De Graaf zijn visie op de (architectuur)wereld. Tragikomische anekdotes, vermengd met observaties en historische en politieke gebeurtenissen, leiden soms tot inzichten, maar soms blijven ze ook ronduit oppervlakkig. Daar is bij voorbaat al voor geëxcuseerd: “Why this book? Most architects are lousy theorists; I am no exception. Whenever we offer theories, they should be mistrusted. We go where our work leads us and develop thoughts along the way. Revelations about the larger things in life, if they come at all, are incidental by-products of our (often banal) labor.” De toon is gezet.