Als ‘de koningin van de Belgische badplaatsen’ telt het stadsweefsel van Oostende een aantal klassiek geïnspireerde parken. Deze parken zijn ontstaan dankzij de krachtige stedenbouwkundige visies uit het verleden. Vandaag de dag verlegt de stad echter haar grenzen met een nieuw soort stedelijk groen. Hoe kan het park van de eenentwintigste eeuw vandaag de dag maatschappelijk betekenisvol zijn voor de inwoners van de stad? Het antwoord ligt in de polders.
In 2010 begon Oostende samen met het district Rother in Zuid-Engeland aan een Europees onderzoekstraject onder de noemer ’21st Century Parks’. Het thema van toekomstbestendige stadsparken werd in een reeks workshops gekoppeld aan hernieuwde aandacht voor stadslandbouw, klimaatverandering en duurzame mobiliteit. Die groene rode draad leverde Oostende een 37 km lang Lint op, een lijn die de verschillende groene zones rond de stad met elkaar verbindt en de randgebieden koppelt aan het omringende open landschap. Het concept werd verder uitgewerkt en via de Open Call van de Vlaamse Overheidsarchitect kreeg het Groen Lint een ontwerper toegewezen: Tractebel in samenwerking met ADR architectes/Georges Descombes.