In een publicatie over circulariteit de architecturale fascinatie voor de cirkel verkennen, kan als grap of geestigheid worden opgevat. Maar eigenlijk stelt deze parallel de verhouding ter discussie tussen meetkunde, ruimtelijke organisatie en deugdzame economische modellen.

Toegepast op de bouwsector wijst het begrip ‘circulariteit’, zoals in tal van andere economische sectoren, op een economisch productiemodel waarbij materialen en producten hun waarde behouden en opnieuw worden ingezet of hergebruikt in de verschillende productiekringlopen. In een ideale circulaire economie behoort afval tot het verleden en is het aanboren van nieuwe hulpbronnen een nutteloze bezigheid. Het systeem bevoorraadt immers zichzelf, met zijn eigen afval.