Het Museum voor Schone Kunsten van Charleroi verlaat de bovenstad. Het verhuist naar de voormalige paardenstallen van de rijkswacht in de Defeld-kazerne in het oosten van de stad. Het door Goffart Polomé Architectes gerenoveerde gebouw staat in de schaduw van de politietoren, maar weet zich door zijn voorgevel naar de stad te richten. Delicate verbindingen geven de interventie haar volle impact.
De hoofdgevel, die historisch gezien uitkeek op het voorplein van het politiebureau, is vandaag de puntgevel die uitkomt op de boulevard. Die smalle gevel werd aangekleed met een hoge constructie in gebogen beton die dienstdoet als drempel en voorportaal voor het museum, maar ook als visueel symbool voor de stad. De betonconstructie maakt het gebouw herkenbaar vanaf de Boulevard Paul Janson en verbindt het toekomstige museumcentrum met het stadsleven.