“Wie in Brussel langs de kaaien wandelt, komt het Rijksarchief tegen: een fascinerend gebouw. Zonder de binnenkant, interne organisatie of ontwerper te kennen, staat het op ons netvlies gebrand. Het verwondert, lijkt iconisch en toch gewoon. Waarschijnlijk is het anonieme gebouw door een reeks van bouw- en renovatiefases gegaan. Het ligt aan het kanaal Brussel-Charleroi, naast een braakliggend terrein dat afstand inbouwt. Daardoor lijkt het industriële gebouw nog imposanter, mysterieuzer. Het is opgetrokken uit oranje baksteen: één enkel materiaal. Van ver lijkt het een enorme bloempot in terracotta. De gemene zijgevel – een wachtgevel – is opgevuld met andere bakstenen in verschillende maten, kleuren en combinaties. Voordat we zelfs nog maar van het poëtische concept ‘palimpsest’ hadden gehoord, groeide bij ons het idee van een niet-egaal getinte huid: één enkel lichaam met veel kleurnuances die een verhaal vertellen.”

“De gebouwen vertellen het verhaal van de site niet alleen dankzij hun volumes; ook de gevels roepen een gevoel van mysterie en diepte op. Er is een expliciet verband tussen het Rijksarchief in Brussel en ons project voor de uitbreiding van het schoolcomplex van de Ursulinen in Mechelen* (2011- 2019). We hebben die referentie bewust benadrukt: door één enkel materiaal te gebruiken met gevarieerd en specifiek voegwerk en dichtgemetselde raamopeningen van lateien en drempels te voorzien. Kortom, een gebouw dat zich voorbereidt op noden die ongetwijfeld zullen evolueren door het gebruik ervan. We besloten om de chronologie van het gebouw te verstoren door naar industriële archetypes te verwijzen. De nieuwe constructies nemen een loopje met het geheugen van de buurtbewoners. Het lijkt of de toegevoegde volumes de oorspronkelijke zijn en misschien ook al meermaals gerenoveerd werden, terwijl de rest van het blok er geleidelijk omheen werd gebouwd.” Op die manier verdraait Label de waarheid en speelt met de chronologie van gebouwen.