Het Atelier ‘UP’ van de masterstu-dio in La Cambre onderzoekt hoe het grondgebied van Ganshoren deuitdagingen en gevolgen van klimaatverandering kan opvangen. De modelwijziging die aan de orde is, wordt geïnspireerd door het neomaterialisme ontwikkeld door historicus Timothy J. LeCain. Masterstudenten Aïcha-Louise Wenger, Stéphanie Wolf en Tom Quin bogen zich over de organisatie van een materie die bij uitstek de banale omgeving van de Brusselse wijk typeert: plantsoenen, die ze “the surface of the everyday life” noemen.

In de voorstad zijn grasperken alomtegenwoordig. Sinds ruim 200 jaar geven ze vorm aan een landschap van ‘boorden’ met straatkanten, parken, middenbermen, tuinen … zonder er echt te zijn, afwezig door hun alomtegenwoordigheid. “Grasperken worden wel beschouwd als vegetatie, maar zonder de eigenschappen van een ecosysteem. Daar zijn we het niet mee eens”, leggen de studenten uit. Door de focus radicaal te verleggen en plantsoenen door een technofiele lens te bekijken, worden ze materie. Ze zijn een gedomesticeerd technologisch materiaal, waaraan kwalitatieve fysische eigenschappen als weerstand, doorlaatbaarheid en isolatie toegeschreven kunnen worden.