De Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam is dit jaar ambitieuzer dan ooit: twee tentoonstellingen (in Rotterdam en Brussel), drie curatoren (Leo Van Broeck, Floris Alkemade en Joachim Declerck), twee edities (2018 en 2020). Ze staat volledig in het teken van de klimaat-akkoorden en de Sustainable Development Goals (sdg) van de Verenigde Naties. Hoe kunnen we onze leefwereld klaarmaken voor de grote mondiale transities op het vlak van klimaat, water, energie, mobiliteit en economie?

De dubbel-editie presenteert zich als een ‘werk-biënnale’ en belooft resultaten in 2020. Het is dus nog niet het moment om de balans op te maken. Van belang is wel te begrijpen wat er op het spel staat. Daarom wil ik in een aantal punten omschrijven wat volgens mij de belangrijkste of meest vernieuwende gedachten zijn van deze editie. Wat is de betekenis van de zee aan projecten en praktijken die aan bod komen? Waar liggen de ambities? Welke vernieuwende aanpak of methode stelt de biënnale voor?