De vier projecten in dit artikel weerspiegelen de wens van mensen om te vertragen, zich terug te plooien, en rust te vinden in de natuur. Vier jonge ontwerpbureaus maakten een ruimtelijke vertaling van deze wens: Atelier Scheldeman ontwierp en bouwde een cabane; atelier vík een tuinkamer; Gestalt architecten een bureaukamer in het landschap; en Nwlnd een refuge. Hoewel de verschijningsvorm van de objecten sterk verschilt, raken ze elkaar in de wijze waarop ze een precies antwoord bieden op de hunkering van de opdrachtgevers naar een huiselijke cocon in het landschap.

In 1755 publiceerde Marc-Antoine Laugier de tweede editie van Essai sur l’Architecture. Laugier pleitte voor een terugkeer naar eenvoud in de architectuur, met de primitieve hut als ideaalbeeld. Met Essai sur l’Architecture toont hij aan dat een gebouw ontstaat vanuit het instinct van de mens om zich te beschermen. De primitieve hut fungeert als bemiddelaar tussen de mens en de natuur, en vormt de ahistorische basis van alle architectuur: “La petite cabane rustique que je viens de décrire, est le modèle sur lequel on a imaginé toutes les magnificences de l’Architecture.” De primitieve hut kreeg een plaats in de architectuurtheorie (als archetype) en in de menselijke verbeelding (als cultureel construct).