In een tijd van extreme crises, grote maatschappelijke vraagstukken, doorgedreven marktwerking en precaire werksituaties zoeken architecten naar nieuwe manieren om hun engagement vorm te geven. Steeds vaker nemen zij zelf het initiatief, met ongevraagde en experimentele praktijken die bijdragen aan urgente thema’s, de architectuurpraktijk verdiepen en tegelijk een spiegel voorhouden – aan zichzelf en aan de sector. Ze zoeken daarmee vrije ruimte, parallel aan de reguliere bouwpraktijk, los van economische logica en functionele verwachtingen. In deze praktijken biedt architectuur niet alleen een antwoord op de vraag van een opdrachtgever, maar stelt de architect zélf de vragen.

Voor dit nummer over parallelle praktijken vroeg A+ aan Evelien Pieters om als gastredacteur op te treden. In opdracht van het Vlaams Architectuurinstituut deed zij samen met Bart Tritsmans onderzoek naar deze ongevraagde praktijken van architecten. Ze interviewden bijna dertig architecten, die spraken over een diversiteit aan parallelle praktijken van ontwerpend onderzoek tot artistieke interventies, en van materiaalexperiment tot participatieve of activistische projecten. De meerwaarde van dit type projecten gaan voor de architecten over verrijking voor hun eigen praktijk via experiment en reflectie, over innovatie en kennisdeling in het werkveld, en niet in de laatste plaats over een meerwaarde voor de samenleving.