‘Never demolish. Never subtract, remove, or replace. Always add, transform, and utilize, with and for the inhabitants.’ De filosofie van Anne Lacaton (Lacaton & Vassal) wordt voor steeds meer architecten een uitgangspunt, vooral als het gaat om doorsneewoonblokken en -kantoorgebouwen, die geen historische of culturele waarde hebben en daardoor gemakkelijk ten prooi vallen aan sloop.

Institutionele en symbolische gebouwen, zoals kerken, zijn vaak zo nauw verbonden met de geschiedenis en identiteit van een plek en zijn inwoners, dat afbraak niet aan de orde is. Maar als de functie van zo’n bouwwerk verloren gaat, welke herbestemming kan het dan krijgen? En als dat het best in samenspraak met en voor de in- of omwonenden gebeurt, hoe dan? Steden, dorpen en buurten zijn allang geen homogene gemeenschappen meer, waar iedereen eenzelfde geschiedenis, cultuur en geloof deelt. Wat voor de een een vanzelfsprekende hercontextualisering is, is voor de ander ronduit heiligschennis.