Overkragingen

gepubliceerd op 14.03.2014

Vier architectuurprojecten die recent opgeleverd werden of vorm aan het krijgen zijn, tonen specifieke toepassingen van overkragingen voor verschillende programma’s en materialen.

maxime_delvaux_technique

© Maxime Delvaux ⎪ 354 photographes

Recreatieve tuin met paviljoen
Baukunst en Landinzicht
Deze vierkante betonnen luifel, gerealiseerd in het kader van een wijkcontract voor een recre- atieve tuin in Sint-Jans-Molenbeek, bestaat uit een orthogonaal grid van balken. De randbalken hebben een zeer groot moment ter plekke van de steunpunten. Het steunpuntsmoment komt overeen met het moment voor een uitkragende balk van negen meter met een zelfde belasting. De balken centraal in de luifel hebben een groot veldmoment, vergelijkbaar met een balk die 18 meter overspant. Vermits de luifel slechts in het midden van elke zijde ondersteund is, is de constructie eerder labiel te noemen. Eventuele excentrische lasten of grote uitsparingen zor- gen dan voor progressieve vervormingen. Het grote permanente gewicht van het in-situ-beton van ongeveer 1 ton per vierkante meter zorgt voor een stabilisatie tegenover
de zeer beperkte maar eventueel excentrische mobiele belastingen van bijvoorbeeld sneeuw (50 kg/m2). Dit is een beetje te vergelijken met de stok van een koorddanser die de danser een inertie bezorgt tegen het vallen.
De vervorming van de luifel onder de perma- nente belasting (1 tot 3 cm) worden in een bekisting in tegenpeil uitgevoerd.
Omwille van de configuratie van de uitsparingen in het dak hebben de theoretische vervormin- gen in de vier hoeken een erg verschillende waarde. Om deze vervormingen uit te vlak-
ken werden de cassettes op sommige plaat-
sen verlaagd uitgevoerd; het ontbrekende gewicht van de grote uitsparingen kon aldus gecompenseerd worden.
094.V+.EXE.credits 354 Photographers (2)

Gemeentehuis van Montigny-le-Tilleul
bureau Vers plus de bien être V+ en Bureau Bouwtechniek
Het uitbreidingsproject van het gemeente-
huis van Montigny-le-Tilleul (p. 36) bestaat
uit drie vleugels: de vleugel Financiën, de
vleugel Directie en de vleugel Bevolking. Van deze nieuwe infrastructuur raakt enkel de vleugel Financiën de grond: de cafetaria sluit rechtstreeks aan op het park. Vanaf de vleugel Directie, een verdieping hoog, zie je het park
aan de voet ontvouwen. De vleugel Bevolking rust dan weer op de gedeeltelijk ingegraven archiefzone en is verbonden met het bestaande gemeentehuis. Elk van deze vleugels van ongeveer 12 m breed bestaat uit bovenvloeren van voorgespannen betonelementen. Ze worden gedragen door een opeenvolging van kolommen en gereconstrueerde gelaste balken van staal, als de architectuur een zwaartekrachtdaling van de belasting naar de grond toe mogelijk maakt. In de talrijke overhangende zones en/of zones met grote spanwijdte worden ze dan weer gedragen door hybride structuren, een geslaagde combina- tie tussen de werking van een vierendeelbalk en een vakwerkbalk. Deze mix geeft de draagstruc- tuur aan de gevel meer stijfheid (in vergelijking met de vierendeelstructuren) en neemt een minimale ruimte in de opstand in (in vergelijking met de vakwerkstructuren). Vanaf de vleugels Directie en Financiën verschijnen andere over- hangende zones, dwars op de eerste verdiepin- gen, die ook samengesteld zijn uit deze hybride structuren. Deze stalen structuren zijn echte rug- gengraten van het geheel, open gelaten aan de binnenkant van de kantoren en door de transpa- rantie zichtbaar van buiten. Ze zijn samengesteld uit gedrukte/getrokken randen en gebogen in de vorm van de gelaste gereconstrueerde balken die geïntegreerd zijn in de bovenvloeren en X-vormige kolommen; die bestaan uit buizen of staven van 100 x 180 mm voor de gecomprimeerde schuine elementen en platte stukken van 30 x 80 mm voor de gespannen verticale elementen. Het geheel van bovenvloeren, die zich gedragen als grote vlakke balken die rusten op de verticale circulatiekernen en de technische bakken van gewapend beton, zorgt voor de vereiste stijfheid voor het integre- ren van verschillende overhangende delen.
ShBibliotheek en centrum nieuwe media
RCR Aranda Pigem Vilalta Arquitectes et Coussée & Goris Architecten
De bibliotheek van de Gentse Krook is opgebouwd uit ‘verschoven’ verdiepingslagen. De grootste verschuiving vormt de zuidelijke overkraging over het verhoogde zuidelijk gelegen plein. Doordat de hoogte van dit gedeelte beperkt blijft tot één bouwlaag (3,50 m), ontstaat de impressie van een zeer lange, uitgesproken overkraging.
Het gebouw heeft een betonnen kern omgeven door een staalstructuur. Deze is opgebouwd uit smalle (18 cm dik) in het zicht blijvende stalen portieken die op 3,2 m van elkaar en loodrecht op de betonnen kern worden geplaatst.
Op de vierde verdieping omvat de overkraging van 15,5 m een binnenruimte van 10 m en een terras van 5,5 m. Ze is opgebouwd uit drie verdiepinghoge vakwerken, met uitkragende balken voor het terras. Een module op de derde verdieping hangt op aan deze uitkraging.
De staalportieken bestaan uit gelaste kokerprofielen met vaste buitenafmetingen. De kolommen zijn 18 bij 60 cm met inspringende flensplaten. De balken meten 18 bij 55 cm waarvan de onderste flens eveneens inspringt. Dankzij enerzijds het koelend effect van het opvulbeton in de caissons van de kolommen en het gewapend beton in de caissons van de balken en anderzijds een overdimensionering van de flenzen van de kolommen en balken, garanderen ze bij brand een stabiliteit van 45 minuten.
Om voldoende stabiliteit in de lengte te bekomen, werd gezocht naar een mix van vakwerk en vierendeelligger, hetgeen resulteerde in relatief dunne kolommen (samengesteld uit een halve HEB 600 en een nieuwe flens van 300 x 70 mm). De liggers (HD 400 met 100 mm dikke flenzen) worden ingewerkt in verhoogde vloeren en plafonds. De vierkante mazen in het vakwerk worden om de twee mazen gesloten door een diagonale trekker (massief staal van 300 x 100 mm). Dit levert eenzelfde stijfheid als bij een klassieke vierendeelligger en vergt minder staal. De trekkers ogen dun en verdwijnen in een architecturale compositie, een filigraanwerk van stalen latjes die de mazen verder dichten. De uitkragende liggers van het terras, in het verlengde van de vierendeelligger, worden thermisch ontkoppeld. De kolommen, die op de lijn van de overkraging staan, zijn onderhevig aan zeer grote verticale krachten (ca. 3 MN). Om binnen de standaardafmetingen te blijven, worden ze in massief staal voorzien.

Neocitta DSCN1985 - Crédits Ney&Partners

© NEY & PARTNERS

 

Complex Neocittà
Jourdain Architectes Associés
Het Neocittà-complex in Seraing, dat uit een mix van winkels, woningen en kantoren bestaat, ligt aan de straatkant en wordt verfraaid met een park aan de achterkant van het gebouw. De ontwerpers van het project wilden door middel van het gebouw een samenhang en een visueel contact tussen het park en de rue Cockerill creëren en het ook koppelen aan andere renovatieprojecten van vroegere industriële ruimten. De structurele oplossing bestaat erin een stijf skelet te vormen met een lange centrale betonwand van 50 cm dik over drie niveaus, en met transversale wanden van 20 cm die regelmatige traveeën van 6 m vormen. Het systeem wordt afgewerkt met vloerplaten van 20 cm die appartementen tussen de wanden dragen. Door de benedenverdieping zo veel mogelijk vrij te maken van structurele elementen zijn de twee verticale circulatieassen en de wand in het vlak van de aanpalende muur, die tevens de toegangshelling is van de parking. De bovenstructuur van het 72 m lange op 15 m brede gebouw is dus zowel een langse als een dwarse overkraging. Het monolithische en hoog hyperstatische karakter van de structuur van gewapend beton vergemakkelijkt de overspanning van aanzienlijke spanwijdtes terwijl het toch de toelaatbare vervormingen voor een gebouw behoudt : een overkraging van 13 m aan het uiteinde van het gebouw, evenals een centrale travee van 25 m, zonder verticale tussensteun of pijlers ter hoogte van de benedenverdieping.

download pdf
A+246
pagina's 60-64

Mensen die dit artikel lazen bekeken ook

schrijf je in voor de nieuwsbrief