Gepubliceerd op 28.11.2023 | Tekst: Pieter T'Jonck

Recent verscheen bij Birkhauser een tweede, herwerkte uitgave van Designing Cities: Basics, Principles, Projects van Leonhard Schenk uit 2012. In 2012 kon het gelden als de samenvatting van de gedachten over stadsontwikkeling en stadsontwerp tussen 1990 -na de ineenstorting van het Oostblok –  en 2012. De herwerkte uitgave stelt dat beeld niet bij. Hoe recent ook, toch voelt dit werk nu al gedateerd aan. Hoe je vandaag aan stedenbouw zou kunnen doen, daarvoor moet je eerder bij een ontwerper als de Fransman Franck Boutté zijn. Recent verscheen een huldeboek over zijn werk.

De basisgedachte van Designing cities is dat stadsontwerp (‘urban design’) een eminent onderdeel is van stedenbouw (‘urban planning’). Terwijl stedenbouw de weerslag van toekomstige economische en sociale noden op de inrichting van een grondgebied probeert te plannen, focust stadsontwerp zich op de manier waarop die planning uiteindelijk fysiek en mentaal ervaren wordt door bewoners.

Schenk stelt dat een goed ontwerp van de functionele aspecten van een stadsontwerp, zoals verkeersafwikkeling, een nodige, maar zeker niet voldoende voorwaarde zijn om te overtuigen. Hij put daarbij uit zijn ruime kennis van wedstrijden. Het ontwerp moet ook een overtuigende ‘gestalt’ vertonen, wil het leesbaar en bruikbaar zijn voor de bewoner. De crux van zijn betoog is dat de geschiedenis daarvoor alle tools leverde, ongeacht de betekenis die men aan die vormen toedichtte. Het centrum van een stad was bijvoorbeeld altijd belangrijk, maar in China stond daar een keizerlijk paleis, in de Middeleeuwen plaatsten we daar een kerk en vandaag zou je er een conferentiecentrum of shopping mall kunnen aantreffen.

Met bewonderenswaardige grondigheid pakt Schenck vervolgens die hele toolbox uit, en illustreert ze aan de hand van (wedstrijd-) ontwerpen die grotendeels dateren uit de jaren 1990-2010. Het gaat dan over organisatieprincipes, de relatie tussen deel en geheel en mogelijke grids, bouwblokken, wegennetten, pleinen en straten. De voorbeelden worden telkens weergegeven aan de hand van enkele goed gekozen beelden van de ontwerpers. Het boek besluit met enkele concrete casestudies van gebouwde stadsontwerpen, en een aantal aanvullende essays van derden.

Voor stadsontwerpers is dit een waardevol instrument, maar het boek wekt ook een zekere ergernis op doordat het al te zeer in abstracties blijft hangen. Zoals Schenck het hier voorstelt  is de wereld plat, is de natuur een groen vlakje op een plan en is water een blauwe streep. Aspecten als klimaat, reliëf, omgang met natuur of met water maar ook specifieke culturele en sociale gevoeligheden komen hier niet aan bod, terwijl ze – ook dat is historisch bewezen – vaak de vectoren waren van stadsontwerpen. Schenck documenteert in feite hoe stadsontwikkelingen voor de hogere middenklasse die vanaf 1990 de bon ton waren in West-Europa, bedacht werden. Hafencity in Hamburg bewijst echter dat ze lang niet altijd het éclatante succes bleken dat men ervan verwachtte.

Het is om die reden een verademing om meteen daarna L’urbanisme, vecteur de transitions / Franck Boutté te lezen. Het is een huldeboek aan Franck Boutté, winnaar van de Franse Grand Prix de l’ urbanisme 2022. In die zin is het zeker geen doortimmerd betoog als dat van Schenck. De auteurs, Ariella Masboungi en Antoine Petitjean, brengen echter wel een reeks teksten en beelden samen die aangeven hoe stedenbouw én stadsontwerp, zelfs tot op het niveau van een groot stadsblok, net op alle terreinen die Schenck links laat liggen een rol kunnen spelen.

Het boek laat zien hoe indringend het denken over stedenbouw op tien jaar tijd veranderde. Het gaat niet meer om het mooie plaatje, het gaat erom het hoofd te bieden aan de multi-crisis waar we vandaag voor staan. Wat Boutté in zijn ontwerpen en onderzoeken laat zien is dat die multi-crisis steeds weer schreeuwt om een andere aanpak van het landschap en de stad. Dat het dan ook een fijne ‘gestalt’ mag hebben lijkt evident. Maar het is niet langer de eerste vraag bij stadsontwerp.

Designing Cities: Basics, Principles, Projects, Leonhard Schenck et al., 2e editie, Birkhauser Verlag Basel, 2023. ISBN 978 3 0356 2611 7 (4). Adviesprijs softcover: 58 €.

L’urbanisme, vecteur de transitions / Franck Boutté, Ariella Masboungi en Antoine Petitjean (ed.), Editions Parenthèses, Marseille, 2022. ISBN 978 2 86364 422 5. Adviesprijs: 18 €.

Lees ook

Schrijf je in op onze nieuwsbrief
  • This field is for validation purposes and should be left unchanged.