Edito A+245

gepubliceerd op 10.12.2013 | tekst Audrey Contesse
© Studio van Son | foto © Filip Dujardin

© Studio van Son | foto © Tim Van de Velde

Op 22 november had de samenkomst ‘Faculteit & Beroep Architectuur’ plaats. Vertegenwoordigers van de onderwijsinstellingen, de Orde van Architecten en verschillende beroepsverenigingen (waaronder A+) deelden er hun visie op het huidige schisma tussen het architectuuronderwijs en de beroepspraktijk. Door de invoering van de onderwijshervorming doemt het spookbeeld op van een te grote scheiding tussen de studies en het beroep. Tussen theorieopbouw en ontwerpproces. Tussen kennis en knowhow.
De vraag over de distantiëring tussen kennis en knowhow rijst ook in het beroep architectuur zelf. Aan wie behoort dit beroep toe? De toenemende multidisciplinariteit en veelvormigheid zet sommigen ertoe aan om de rol en zelfs de titel van de architect te herbekijken. Misschien vanuit de reële noodzaak hun legitimiteit te herbevestigen. Niettemin is de ‘architect-bouwer’ – sinds lang – niet meer de enige die architectuur beoefent. Omdat de praktijk andere vormen van knowhow vereist maar ook omdat hij geïsoleerd geen werk van hoge kwaliteit kan produceren. De andere architectuurbeoefenaars – lesgevers, openbare bouwheren, critici, historici, auteurs – die op hun beurt zowel de knowhow als de architectuurcultuur overbrengen, verdedigen en voeden, creëren een gunstig terrein voor de opkomst van een kwaliteitsvolle architectuur van hoog niveau. Een niveau dat de Belgische architectuur vandaag lijkt te bereiken, als we de internationale jury van de Belgische Prijs mogen geloven, volgens wie de huidige Belgische architecturale productie die van Zwitserland in de jaren 1990-2000 evenaart. Enkel eensgezindheid tussen deze architectuurberoepen kan leiden tot de resultaten van de Belgische Prijs voor Architectuur & Energie die u in uw handen heeft.

bezoek onze webshop

schrijf je in voor de nieuwsbrief